Het tweede jaar na een verlies: een tegenvaller?

Patti Broeder dinsdag 12 maart 2019 11:11 1 reactie

Gastblogger Patti verloor haar zoon Bas door zelfdoding. Het eerste jaar na haar verlies was pijnlijk, maar ze kon niet vermoeden dat het tweede jaar misschien wel nog moeilijker was. Hoe gaat zij hiermee om?

Op de een of andere manier had ik het niet zien aankomen. Mensen in mijn omgeving, degenen die wisten waarover ze praatten zoals weduwen, hadden me gewaarschuwd: "Dat tweede jaar, dat gaat nog vies tegenvallen." Ik kon me er niet zoveel bij voorstellen. Het eerste jaar was dramatisch pijnlijk geweest, hoe kan een tweede ooit nog moeilijker worden?

Ik weet het nog precies
De schok die Bas' overlijden veroorzaakte maakte dat ik de eerste maanden een beetje verwezen voor me uit zat te staren. Niet direct hoor, in die eerste week handelde ik met een verrassend helder hoofd.

Ik weet het nog precies. ‘s Ochtends om half zes werd ik wakker gebeld door de vader van Bas, die me vertelde dat hij hem had gevonden. Nog voordat ik de telefoon opnam, stapte ik uit bed, terwijl ik eigenlijk nog half sliep. Maar ik voorvoelde dat ik dit telefoontje niet in mijn bed moest gaan beantwoorden.

"Leeft hij nog?" vroeg ik, klaarwakker.  

"Nee, hij is al koud," luidde het al even praktische antwoord. Alsof we het over een ovenschotel hadden.

Ik merkte dat ik deze boodschap weg wilde duwen en dat riep ik toen ook uit: "Nee, nee, nee, nee!" En ik zakte door mijn benen, zodat ik zittend op mijn slaapkamervloer door de twee jongste kinderen werd gevonden, die allebei waren gewekt en gealarmeerd door mijn geroep.

Het eerste jaar was dramatisch pijnlijk geweest, hoe kan een tweede ooit nog moeilijker worden?

"Wat is er mama, wat is er?" vroegen ze, terwijl ze met verschrikte gezichten naast me neerknielden en me vastpakten. Wat moet ik zeggen? dacht ik, wat kan ik tegen hen zeggen? Want wat ik ook zeg, ik neem hen hun onschuld af. "Bas is dood," bracht ik uit, waarop beide kinderen begonnen te huilen. Zo zaten we een tijdje, elkaar niet-begrijpend aan te kijken. Te wachten leek wel, op iets wat ons ging helpen.

"Kom," zei ik toen, "aankleden en tandenpoetsen, we zien elkaar beneden." Gedwee liepen de kinderen ieder naar hun eigen kamer. En ik ging naar mijn kledingkast. Koos daar zorgvuldig een zachte broek en een warme trui uit, want die zou ik nodig hebben. Vervolgens belde ik mijn vriend, een buurvrouw, een paar vriendinnen en toen pakte ik mijn iPad om de mentoren van beide kinderen te informeren dat ze voorlopig even niet naar school zouden komen.

Tegen de tijd dat de eerste vriendin arriveerde, was ik klaar. Heel helder had ik bedacht wat ik moest doen en dat ik dat ook per se nú moest doen, want straks zou mijn hoofd niet meer werken. Later die dag moest er een uitvaart geregeld worden. Ik wilde slaaptabletten voor die nacht. In de auto naast mijn vriend regelde ik de tabletten en meteen ook een therapieafspraak voor mijn jongste.  Alsof ik bezig was met officemanagement, in plaats van met het me realiseren dat mijn kind dood was.

Na die eerste week
Na die eerste week zakte ik in. Er hoefde nu niets meer geregeld te worden. Ja, gewoon de dagelijkse dingen. Maar vooral die kostten me nou net erg veel moeite. Eten koken kon ik in theorie wel, maar in de praktijk dus niet. Misschien, als iemand de ingrediënten voor me had neergezet dat het was gelukt. Maar ik kon al niet eens bedenken wat ik eens zou koken, laat staan hoe ik dat dan zou doen.

Vooral de dagelijkse dingen kostten me erg veel moeite. Eten koken kon ik in theorie wel, maar in de praktijk  dus niet.

Contact met de buitenwereld was ook zoiets. Ik wilde graag praten over mijn verlies, maar kon met geen mogelijkheid contact leggen. Gelukkig had ik een flink netwerk van mensen die dit min of meer begrepen, zij kwamen eten koken en namen me mee uit wandelen. Want ook dat laatste ging niet vanzelf.

In de tussentijd moest ik zorgen dat mijn kinderen begeleiding kregen op hun scholen, want dat was helaas ook allerminst vanzelfsprekend. Het was topsport. Een handeling als boodschappen doen kostte net zoveel energie als wanneer je net bent hersteld van een zware griep. Contacten met mensen waren ingewikkeld, dus die vermeed ik maar een beetje. En de feestdagen, de verjaardagen. De eerste sterfdag. Alles voor de eerste keer zonder Bas. Niets was meer gewoon of vanzelfsprekend. Steeds weer zetten we ons schrap.

Alles voor de tweede keer
Maar na die eerste sterfdag maakten we alles voor de tweede keer mee. Verjaardagen, kerst, oud en nieuw, weer een verjaardag.

Je zou zeggen dat we het klappen van de zweep nu wel kenden. Maar gek genoeg werd ik juist nu steeds weer overvallen door een enorme melancholie. Die ik dan niet kon thuisbrengen. Goh, wat ben ik ongedurig en ik slaap slecht en ik loop te mopperen, ik heb geen zin in contacten leggen, wat is er toch aan de hand?

O ja, denk ik dan, zodra de bewuste feestdag echt in zicht is: we gaan Bas weer zo verschrikkelijk missen. En dan voel ik pas echt hoe beroerd ik daarvan ben.

Het is doordat ik ben gaan meedeinen met het leven, dat het me zo raakt.

Op de een of andere manier ben ik nu niet goed voorbereid. Heb ik het gevoel dat mijn leven doorgaat en doe ik mijn uiterste best mijn leven ook werkelijk te laten doorgaan. Ik zoek weer contact, ga eens naar een feestje, doe een heleboel nuttige dingen, kortom ik probeer mijn leven op orde te krijgen.

Maar daarmee leg ik mijn lat te hoog. Want natuurlijk, natuurlijk is na ruim een jaar het verdriet om het verlies van mijn kind niet uit mijn lijf, als het dat al ooit gaat. Omdat ik verderga, word ik overvallen door dat verdriet, ik ben er niet op voorbereid. Trek pomtidom een stofzuiger door mijn slaapkamer, totdat ik stuit op een kindertekening met een liefdesverklaring van een toen nog kleine Bas. En ga dan alsnog door mijn hoeven. De tekening mept me in mijn gezicht, trapt op mijn hart, klauwt in mijn ziel: hier mama, kijk, weet je nog, hoe lief hij was?

Het is doordat ik ben gaan meedeinen met het leven, denk ik, dat het zo raakt. Ik zet me niet meer bij iedere gebeurtenis schrap, ik ga stapje voor stapje het leven weer aan. In al die kwetsbaarheid tuimel ik dan zo nu dan, steeds onverwacht, weer om.

Ook dit is een kwestie van aanvaarden. Dat deed ik namelijk vorig jaar ook: het is ontiegelijk zwaar, maar we moeten er doorheen. Nu bestaat die zwaarte er vooral uit dat het steeds zo onverwacht is, dat de klap van de pijn zomaar opeens uit onverwachte hoek kan komen. Maar hé, dat betekent dus tegelijk dat er goeie momenten zijn. Steeds meer.

Ervaar jij het tweede jaar na het overlijden van je dierbare ook als moeilijk? Praat erover in de reacties onder dit artikel of praat mee op ons forum.

afbeelding van Patti Broeder

Gerelateerde blogberichten

Er is 1 reactie op dit blog

afbeelding van Marianne van halteren
Bewolkt
#1

Ik ben deze week aan het tweede jaar na de zelfdoding van mijn zoon begonnen. Op zondagmorgen 8april 2018 is hij van zijn balkon op de tiende verdieping van zijn appartement gesprongen? Om 11.00. Een half uur later was daar dat telefoontje van mijn oudste zoon. Mama, Alan is dood, hij is naar beneden gesprongen.

Ik kan mij niet veel meer herinneren van de rest van de dag. Opeens waren daar allemaal familie. Kinderen, kleinkinderen zus en nichtjes. Ik werd mee genomen naar het huis van mijn jongste zoon.daar ben Ik gebleven tot na de crematie. Dit alles is nu een jaar geleden. Het lijkt korter. De pijn blijft ik heb het geaccepteerd. Dit is nu hoe mijn leven is. Niets is meer hetzelfde.ik ben niet meer dezelfde.

Zondag hebben wij de as uitgestrooid op een mooie plek waar hij veel kwam. Het was goed zo met z,n allen. Maar ik ben zo moe wil alleen maar slapen. Ik wil zo graag weer normaal zijn,maar wat is nog normaal? Ik voel mij verdoofd. Ik probeer te genieten van het voorjaar. Alles wat ik vorig jaar gemist heb. De bloeiende appelboom, magnolia en tulpen in de tuin. Maar het raakt mij niet. Als een zombie zit ik op de bank en kijk uit het raam. Zou het niet nu al wat makkelijker moeten zijn?

Ik geef mij over, heb de energie niet om mij te verzetten. 368 dagen van verdriet het is te zwaar.